Middenoosten deel 2

Wo 18 aug

Vandaag een vrije dag: dat betekent allerlei klusjes die zijn blijven liggen uitvoeren. Het is lekker rustig op het terrein, want er zijn alleen twee Hollandse jongens in een busje die vandaag weer verder trekken. ’s Middags maken we in mijn camper met z’n zessen een rondtocht van 111 km naar het zuiden naar de gieren. We komen daar in een prachtig berggebied met een rivier er doorheen. We zien ook talloze prachtige plekken waar je zou kunnen overnachten met de camper. Bij een lus in de rivier staan wel 40 ooievaars in het water zich te koelen, want het is bloedheet. Onderweg drinken we maar even een koud biertje, en ik ook, want Jeroen rijdt en test de wagen uit. We vinden wel het gierenstation, maar de gieren laten zich niet zien, dat gebeurt alleen ’s morgens vroeg. Het is een prachtige tocht, maar geen gieren.

Do 19 aug

We besluiten vandaag wel gieren te willen zien en dat betekent dat we om 5.30 uur in de ochtend moeten vertrekken, want de excursie naar de gieren vindt om 7 uur plaats. In het donker rijden we de bergpaden op. Bij het gierenstation parkeren we de auto’s en met een paar rijden we met de gids een stukje terug. De gids stelt stelt een telescoopkijker op en boven op de kliffen, op het puntje zit een vale gier, 33n zeldzame broedvogel van meer dan een meter grootte en een spanwijdte van2.50 m. Een prachtig gezicht met zijn witte kop, hals en kraag. Er zitten hier 45 paren, maar dit is de enige die we te zien krijgen. Door het dal scheren wel de vale gierzwaluw en de alpengierzwaluw.

Hierna krijgen we een rondleiding door het gierenstation. Hier wordt veel met doe-het-zelf-modellen het leven van de gieren getoond. Omdat het nog zo vroeg is, besluiten we niet in het gebied te blijven, maar toch volgens de plannen naar Turkije, Edirne, te reizen. Aan de grens gaat het redelijk vlot, alhoewel de logica van de volgorde van handelingen niet goed te begrijpen is: Je moet verderop een visum kopen die je in een veel eerdere kiosk weer moet laten afstempelen.

We rijden door en doen boodschappen in de Carrefour van Edirne. Voorbij Edirne vinden we een rustige camping met een groot zwambad en dat trekt bij 37 graden. Er zijn vrijwel geen andere gasten en ’s avonds barbecuen we met z’n allen. Alleen Joop en Riet hebben pech, want hun spiksplinter nieuwe hymercamper met 5000 km op de teller heeft een kapotte versnellingsbaklager. Zij moeten hier tot dinsdag blijven, dan is de wagen pas klaar.

Vr 20 aug

Vandaag staat een bezoek aan de stad Edirne op het programma. Omdat het zo heet is, vertrekken we al vroeg om 7.30 uur met 3 taxi’s naar de stad. We laten ons afzetten bij de Selimymoskee, maar die gaat pas om 9 uur open, dus ontbijten we eerst er vlak bij in een klein hofje. Als we terugkomen is de moskee open. Een groot voorplein met rondom zuilengang. Het is een van de beroemdste osmaanse moskeeën uit 1575 met 4 84 meter hoge minaretten. Van binnen is hij schitterend bewerkt vooral in de 43 meter hoge koepel. De kegelvormige minbar is de mooiste van Turkije. Er naast is een medrese, waarin een museum voor Turkse en Islamitische kunst is gevestigd. Ook is er een overdekte bazaar.

Even verderop staat de oude moskee uit 1414. Op de zuilen zijn Arabische inscriptie aangebracht. Weer even verder komen we bij de Rüstem Pasa karavanserai. Een groot gebouw met een dak van koepels. Hier werden vroeger de kamelen gewisseld voor verse uitgeruste dieren om de woestijntocht te vervolgen. Nu is er een markt in ondergebracht.

In het centrum handelen we de bankzaken af en laven ons in de hitte met cola. Dan is het 1.5 km  lopen naar Beyazit II-moskee, waar van oudsher een beroemd gezondheidscentrum is ondergebracht. Hij staat op de noordelijke oever van de Tunca-rivier dus we steken deze over. In het water is een grote groep koeien gevlucht om koelte e zoeken. Deze moskee met bijgebouwen is uit 1488 en de bijgebouwen zijn al vanaf 1600 gebruikt voor de behandeling van psychiatrische patiënten. Vele behandelmethoden zijn hier ontwikkeld en de universiteit had hier van oudsher een medische school. Bekend zijn de muziekbehandelingen, waarvoor zangers en muzikanten speciale muziek moesten spelen. Ook zijn hier water- , kleur-  en bloemenbehandelingen ontwikkeld. In het museum wordt dit alles uitgebreid met ingerichte kamers gedemonstreerd, waarin met aangeklede poppen en taferelen de behandelingen zijn nagebootst.

De 1.5 km lange wandeling terug is heet. We strijken neer op hetzelfde plek als bij de start en nuttigen een lunch meet heel veel koude cola en water voor 1.75 euro pp.

Het zelf eten koken is hier niet lonend, de diesel is echter vreselijk duur: 1.70 euro per liter.

We zorgen ervoor ’s middags terug te zijn voor afkoeling in het zwembad.

Za 21 aug

Omdat het erg heet is, hebben we besloten een dagje rustig op de camping te blijven en niet, zoals het plan was direct naar Istanboel te gaan. De dag wordt gevuld met het uitvoeren van klussen. Zo valt mijn routenavigatie uit als ik de 27 MC zender gebruik. Na veel proefnemingen blijkt een USB-verlengkabeltje het signaal op te pakken en de routeplanning te verstoren. ’s Avonds houden we met elkaar een barbecue.

Zo 22 aug

We rijden via de autoweg D 100 naar Istanboel. In de stad gaat het fout met onze navigatie en met enig zoeken vinden we in het centrum van de stad parkeerplaats Celal waar we aan de Bosporus staan. Het is gelukkig wat minder warm vandaag, dus we brengen de middag in de stad door. Het voordeel van deze parkeerplaats is dat hij bewaakt is en dat alle bezienswaardigheden op loopafstand zijn. Allereerst gaan we naar de beroemde Haghia Sophia, want die is vandaag nog open , maar morgen gesloten. We komen langs het mausoleum van Mehmet III. Een rond gebouw met allemaal tentvormige doodskisten erin, waarin de hele familie is ondergebracht. Er naast staan nog 3 mausolea. De tweede is van Selim II en ziet er vergelijkbaar uit, alleen is de hele koepel versierd met blauwe Iznit tegels.

De Haghia Sophia zelf is een enorm gebouw met een koepel van 56 meter hoogte. Het enorme bouwwerk is op twee vroegere kerken gebouwd in 537. Het is altijd een kerk geweest: De kerk van de heilige wijsheid, totdat de Osmanen hem in de 15e eeuw verbouwden tot moskee. Zoals altijd, moeten de schoenen uit bij het betreden. Van binnen is de kerk vol mozaïeken. De Mimbar, een soort preekstoel voor de imam, is heel bijzonder versierd. De ruimte is immens groot. Via een wentelhellingsbaan klimmen we omhoog naar de galerijen, rondom in. Van hier uit heb je een mooi uitzicht op de begane vloer. De koepel is versierd met vele koraninscripties. Een groot deel van het gebouw is in restauratie. Het hele complex is nu museum.

Buiten koelen we ons met frisdrank en lopen via de oude Ablutiefontein in Turkse rococostijl uit 1740 naar de Basilicacisterne. Het is een enorm ondergronds waterreservoir uit 532 waarvan het dak door 336 zuilen van 8 meter hoogte wordt gedragen. Het is ontdekt toen men zag dat veel bewoners vis de vloer van hun huis water putten en zelfs vis vingen. De Cisterne zit dan ook vol karper. Twee zuilen dragen medusahoofden in verschillende standen. Hierna lopen we door naar de Blauwe moskee. De moskee is volop in gebruik en we moeten dan ook een half uur wachten voor het avondgebed is afgelopen en de stromen mensen de moskee hebben verlaten. De schoenen  gaan in plastic zakken en we gaan door het rijk versierde gebouw met 6 minaretten. De kerk is vol met blauwe Izniktegels afgewerkt en daar heeft hij zijn naam van gekregen. De moskee ging in 1616 open en er was nogal wat discussie over het feit dat de moskee die van Mekka qua grootte en minaretten benaderde.Buiten het gebouw zijn rondom voetwasplaatsen. Even verderop staat de ablutiefontein, die niet meer voor rituelen wordt gebruikt. Van hieruit lopen we terug naar de campers en daarna gaan we lekker vis eten in de stad.

Ma 23 aug

Vandaag lopen we vroeg naar de noordoost kant van het schiereiland, waarop we kamperen, want daar is een enorm uitgebreid paleizencomplex: het Topkapi paleis. We lopen de met vestingwallen omgeven hof op via de Rijkspoort en lopen direct door achterin naar het paleis zelf. In het paleis gaan we direct door naar het haremcomplex van de sultan, want het belooft vandaag heel druk te worden. Het paleis is in 1465 in gebruik genomen en diende als regeringscentrum en school voor ambtenaren en militairen. In de 16e eeuw verhuisde de regering naar de verheven porte en sultan Mecid I verliet het complex in 1853 en ging in het Dolmabachepaleis wonen. In 1924 werd het geheel voor publiek opengesteld.De sultan had 1000 vrouwen en bijvrouwen waarvan de meesten als slaaf leefden. Hij werkte 3 vrouwen per dag af en kreeg 103 kinderen. Hoofd van het geheel was de koningin moeder en de concurrentie onder de anderen was moordend, want iedereen hoopte in de gunst te komen en daardoor een trede hoger te komen. Er zijn in het complex dan ook hele slaapzalen voor de vrouwen. Zwarte  euneuchen (gecastreerde mannen) moesten de organisatie voeren en alles in goede banen leiden. De vrouw die de sultan een zoon schonk werd hoofdvrouw. De b elangrijkste vrouw was de koninginmoeder die 40 vertrekken tot haar beschikking had. Er zijn hier ontvangstkamers van de sultan, slaapkamers, badkamers en eetzalen. Alle vetrekken zijn geheel betegelt met Iznik blaus tegen, de deuren in gelegd met ivoor. Opvolgende sultannen bouwden weer hun  eigen troonzalen en woonvertrekken, alles in pracht en praal. Zo is een enorm complex ontstaan. Er is ook een prachtige bibliotheek, maar we missen de boeken. Er is ook een enorm terras met prachtig uitzicht op de stad. Hier konden de concubines zonnen.

De prinsen kregen hun eigen woonruimten en concubines, m aar zij mochten geen kinderen krijgen en als dat wel gebeurde moest de zwangerschap onderbroken worden of het kind verdonkeremaand. Als we alles bekeken hebben, drinken we koffie met gebak in een restaurant met prachtig zicht op de Bosporus en delen van Istanboel. Daarna bekijken we ander zalen in het complex. Je komt er via de Gelukzaligheidspoort, ook wel de poort van de witte euneuchen. Het Revanpaviljoen is door Murat IV gebouwd als herinnering aan zijn veldtocht naar Iran. Het Bagdadpaviljoen lijkt er sterk op, maar is door hem gebouwd na zijn veldtocht naar Bagdad. Hierna bezoeken we het museum. Hier zijn talloze voorwerpen van de sultans te bewonderen: gouden zwaarden, wapenuitrustingen, klokken en kleding. Er is ook een relikwieënkamer. Hierin is de staf van Mozes te zien, een voetafdruk van de profeet Mohammed en veel andere persoonljke relikwieën. In een andere zaal hangt de mantel van Mohammed, maar daar staat zo’’n lange rij voor, het wordt kennelijk als een soort bedevaart gezien, dat we besluiten er maar niet op te wachten. We gaan terug naar de eerste hof van het paleis. Via een zijuitgang lopen we eerst naar een restaurantje. Daar lunchen we. ’s M iddag willen we het archeologisch museum in de eerste hof van Topkapi bekijken, maar dat is op maandag gesloten. Dus maken we maar een grote wandeling door de stad. Eerst naar de spijzenbazaar: een grote ruimte vol specerijenstalletjes. Dan gaan we naar de Galatabrug over de Gouden Hoorn, een zijtak van de Bosporus. Onder die enorme brug zijn talloze restaurantjes en winkeltjes bebouwd. Dan lopen we naar de Grote Bazar. Een enorm complex met vele gangen, waarin talloze stalletjes zijn ondergebracht.. Via de drukke straatjes vol verkoopstalletjes wandelen over de heuvel van de binnenstad naar onze camperplek.

Di 24 aug

Vandaag gaan we dse Bosporus op. We worden ’s morgens vroeg door taxi’s afgehaald en rijden naar de Galatabrug, waar een leuk klein bootje op ons ligt te wachten. Heftig schommelend, want het water is erg onrustig door de vele schepen op de Bosporus, varen we allereerst naar Dolmabahcepaleis. Sultan Abdül Mecit liet het paleis in 1856 bouwen en financierde dat met buitenlandse banken, want de creditwaardigheid van het Osmaanse rijk liep op zijn eind.

We hadden gehoopt dat er ’s morgens vroeg nog niet veel bezoekers zouden zijn, maar daarin vergisten we ons: Als we langs de zwanenfontein lopen komen we op de trappen naar de ingang en daar moeten we bijna een uur wachten voor we via de Poort van de Sultan erin mogen. Binnen worden namelijk groepen van ongeveer 30 mensen geformeerd die onder leiding van een gids het paleis bezoeken. Pas als een groep vertrokken is, kan de volgende tranche naar binnen. We komen binnen in de Süferasalon. Hier wachtten de ambassadeurs op een audiëntie met de Sultan. In het hele gebouw met 285 kamers valt op dat overal enorme kristallen kroonluchters hangen, van 1000den kg zwaar. Via de glazen trap: trap met kristallen leuningen, komen we boven. Daarachter zijn de gebouwen van de Selamlik en het harem. In de Selamlik woonden de mannen. Daar zijn ook staatsiezalen en een enorme ceremoniezaal. In het Harem verbleven de (bij)vrouwen en ontving de sultan zijn vrouwen. Alle zalen zijn geheel betegeld, vaak met Inniktegels en prachtig ingelegde vloeren met tapijten erop.. Het slaapvertrek van Atatürk is de plek waar Atatürk op 10 november 1938 overleed en de klokken in het paleis zijn op die tijd blijven staan. De badkamer heeft massief zilveren kranen en de kamer is bekleed met Egyptisch albast. Verderop lopen we langs talloze zalen van de moeder van de sultan en zijn hoofdvrouw, langs een grote bibliotheek, deze met boeken, en de roze ontspanniongszaal van de Harem. Een hele grote zaal in de blauwe salon met blauw meubilair, hier werden alle vrouwen van de sultan ontvangen.Tenslotte komen we in de ceremoniezaal, waar 2500 mensen in konden. De kroonluchter hier is de zwaarste ter wereld.

Hierna gaan we weer in de boot en varen de Bosporus af tot voorbij de tweede grote brug over de Bosporus. Dit zijn bruggen van 1.5 km. Onderweg zien we vele paleizen, deftige huizen aan het water, musea en een universiteit. Er wordt zelf een soort platform over de Bosporus door twee sleepboten gesleept. Via de Aziatische kant varen we terug. Op het smalste deel van de Bosporus heb je aan de Europese kant het Rumeli fort en aan de andere kant het Aziatische fort. Zo werd de scheepvaart naar Constantinopel grondig gecontroleerd. Teruggekomen gaan we uitgebreid dineren in een visrestaurant onder de Galatabrug. Ik heb nog nooit zo duur gegeten, ad 50 euro pp, maar dan heb je ook wat.

Vooraf schotels met allerlei hapjes. Ondertussen moet je de vis uitzieken die je wilt eten: wij kiezen voor een zeebaars en een nijlbaars. De vissen worden op tafel gewogen: samen 7.5 kg. De vissen worden gefileerd en klaar gemaakt en van elke vis wordt een complete schotel klaargemaakt. Daarna nog schotels met fruit en koffie toe. We zijn eigenlijk te vol om te lopen, maar we moeten wel, want een groep gaat nog naar het archeologisch museum. Hier is de geschiedenis van Turkije vanaf 1000 voor Chr. tot bijna recent weergegeven. Je ziet heel veel van de oude Egyptische tijd en daarna de Griekse tijd en de Romeinsetijd. In de kelder staat het vol sarcofagen, waaronder die van Alexander de Grote uit de 5e eeuw. In een tweede gebouw vinden we karamannmihrab, een blauwe rijkbetegelde soort preekstoel uit Karaman, de voormalige hoofdstad van het zuidoosten van Tukije. Hierna doen we wat boodschappen en wandelen terug naar de campers

Wo 25 aug

We vertrekken vandaag uit Istamboel. Omdat Angelien en ik de volgende overnachtingsplaats moeten uitzoeken, vertrekken we al om 7 uur. Het is nog vrij rustig in Istanboel. Via de Galatabrug gaan we naar de tweede Bosporusbrug. Als ik daar een afslag mis, is het heel wat omrijden om weer op dat punt terug te keren. We gaan een eind richting Ankara en slaan dan af  naar het Noorden naar Sile. Er blijkt een complete 4 baans weg aangelegd te zijn die nog niet eens in de computer vermeld wordt. We zijn nu aan de kust van de Zwarte zee, waar heel veel plaatselijk toerisme is. Ook vanuit Rusland is dit de bekendste vakantieplek. We rijden door een prachtig bergachtig gebied naar Kandira en gaan dan naar het Zuiden richting Izmit. Voorbij Izmit willen we dwars door het berggebied doorsteken naar het meer van Iznik. De weg blijkt echter afgezet vanwege een instorting. Uiteindelijk besluiten we om te rijden via de grote weg naar  Bursa. Daar is vlak voor me een ongeluk gebeurd: een personen auto is van de weg af geraakt en vele keren over de kop gegaan. Van de cabine is niets meer over. Alle Turken stoppen om te gaan kijken, wij zijn maar doorgereden. Bij een afslag komen we aan de zuidkant van het meer van Iznik. En daar wordt het zoeken naar een overnachtingsplaats. 15 km verderop vinden we er pas een. Maar dan een mooie plek aan de oever van het meer met bruisende golfslag. Het is ook een avond met volle maan, dus het is hier prachtig in alle eenzaamheid. We genieten van deze mooie avond, en Angelien en ik zorgen voor de maaltijd.

Do 26 aug

Vanaf onze schitterende overnachtingsplek rijden we naar Iznik. Dit plaatsje was vroeger een belangrijke hoofdstad en er werden de wereldberoemde Izniktegels gemaakt, die we al in vele moskees en paleizen hebben gezien. Dat was tot aan de 16e eeuw, daarna zijn alle tegelfabrieken verdwenen en er is nu niets meer van over. Om de stad heen is nog een stadsmuur en er zijn nog 4 toegangspoorten blijven staan. Van de oude glorie is nog iets te zien in het Archeologisch museum. Toch zijn daar niet de mooiste tegels te vinden, die zijn kennelijk verkocht. Buiten om het museum staan veel mausoleums en grafzerken, binnen is een heel bijzondere grafkruik van 3000 jaar v. Chr., waarin een geraamte is achtergebleven.

Tegenover het museum staat de blauwe moskee, waarvan de toren bekleed is met blauwe Ismiktegels. Die tegels zijn echter namaak, omdat de oorspronkelijke tegels zijn weggehaald. Midden in het stadje staat nog een oude moskee, ook een Haghia Sophia.

Van hier afrijden we weer richting Zwarte zee via Adapazari, Karasu naar Akcakoca. Daar is een terrassencamping waar we overnachten. Een mooie gelegenheid om de was eens te doen.

Vr 27 aug

We vertrekken vanaf Akcakoca naar Eregli. Zo’n 20 km voor Eregli ontvang ik een noodsignaal van Angelien: Er zit een enorme ratel in de motor. Ik draai nog net een vluchtstrook op, maar Angelien staat midden op de autoweg. Na enig beraad besluiten we toch om de auto al ratelend 200 m door te rijden naar de vluchtstrook, want op de autoweg is er toch veel verkeer dat op tijd moet stoppen. Even later stoppen ook Jeroen en Joop. Het geluid lijkt op een kapotte klep o.i.d. In ieder geval moet er technische hulp komen. Nol zit al bij Eregli en hij kent de stad. Hij zoekt een Ford-garage op en anderhalf uur later komen de servicewagen en Nol aanrijden. De monteurs constateren een kapotte aandrijfriem van de airco. Als die eraf gehaald is kan de auto in ieder geval weer rijden. In kolonne rijden we naar de Fordgarage. Daar blijkt dat de aircopomp stuk is gegaan en daardoor de riem. De motor is geen Turks model, dus het zal even duren voor de onderdelen er zijn. Angelien rijdt met mij mee en we rijden via een prachtig bergen en kloven gebied naar Zonguldak en Karabuk naar Safranbolu. Hier staan we op een parkeerterrein vlak buiten de oude stad. Angelien vindt een hotelkamer ertegenover en met z’n allen drinken we daar een borrel en eten we Lams Chops.

Na het eten maken we nog even een wandeling door de oude stad, De stad staat vol huizen uit de Osmaanse tijd. Op het plein staat de oude Cinci Haman, een 17e eeuws Turks badhuis en de Kazdagmoskee uit 1779. De stad is zo karakteristiek dat hij op de wereld erfgoedlijst staat.

Als we op een terrasje wat drinken raken we aan de praat met een Turkse civil ingenieur uit Ankara die daar wegen aan het aanleggen is. Als we vertrekken, staat hij erop om onze drankjes te betalen.

Za 28 aug

Vandaag rijden we terug naar Karabuk en vandaar naar het zuiden naar Ankara. Onderweg nemen we een doorsteek via een hele mooie route. Onder Ankara, bij Golbasi is er een klein terreintje bij het Ulasanhotel hotel. Er is een prachtig zwembad bij waar we volop van genieten. We krijgen een heerlijk diner op het terras opgediend.

Zo 29 aug

Deze dag moeten we productief maken, want we hebben maar een dag om Ankara te bekijken. Daarom vetrekken we al om 7.30 met taxi’s naar  het centrum van de stad dat 20 km verderop ligt. Omdat het mausoleum van Ataturk pas om 9.00 uur open gaat, drinken we eerst maar een tijd koffie. Voor de ingang van het mausoleum is een strenge veiligheidscontrole, maat de toegang is gratis.Rond en onder het Mausoleum is een enorme uitgebreid museum gebouwd dat de hele geschiedenis voor en rond de tijd van Ataturk weergeeft in foto’s, schilderijen en hele grote diorama’s. Ataturk 1881 – 1938 trof een verscheurt land , verdeeld onder Engeland, Frankrijk en Italie. Toen de Griekse troepen in  1919 Izmir bezetten, was de maat voor de Turken vol: Ze sloegen terug en in het verdrag van Lausanne 1923, werden de Turkse grenzen vastgetseld en vond er een enorme repatriering plaats van Grieken, Turken enz. Mustafa Kemals werd president en hij sindsdien Ataturk: de vader der Turken genoemd. Hij bouwde aan een democratische staat met een meerpartijenstelsel en maakte van Turkije een seculiere staat, modern en op Europese leest geschoeid: Zo verving hij het Osmaanse schrift in het Latijnse, voerde een nieuwe Turkse taal in en het systeem van achternamen. Toen Ataturk in 1938 overleed was Turkije een moderne staat met een hele goede infrastructuur. De waardering voor dat werk komt in een geweldig Mausoleum tot uitdrukking en dit alles wordt in het museum getoond. Ataturk zelf ligt in een gigantische gebouw, onder zijn eigen sarcofaag, want men heeft hem later uit de sarcofaag gehaald en er onder met het hoofd naar Mekka toe begraven in de Turkse grond, zoals dat moet bij Islamieten. Aan de andere kant zijn zijn auto’s tentoongesteld, waarvan hij er een van Hitler heeft gekregen.

Vanaf het Mausoleum zou het 1 km wandelen zijn naar het spoorwegmuseum, maar dat werd 4 km. Het spoorwegmuseum is echter gesloten, maar het boek geeft aan dat je op het loket van het treinstation kan vragen het park te openen. Ze kunne echter de sleutel niet meer vinden dus het lijkt erop dat ons bezoek mislukt, echter Nol had onderweg een gat in de omheining gezien. Wij terug naar dat gat en jawel: we kunne  probleemloos het terrein op. Hier staan zo’n 15 stoomlocomotieven opgesteld uit de tijd tot 1948. Het zijn kolossale machines met 5 aangedreven assen. Hierna lopen we terug naar het treinstation en zien daar de wagon van Ataturk, die hij van Hitler heeft gekregen en waarmee hij zijn hele land heeft doorkruist. We lopen onder de spoorweg door naar het park. Er is midden in een enorme vijver aangelegd met vijverfolie van vele duizenden vierkante meters en grote fonteinen erin. Er omheen een soort pretpark. We gaan nog op zoek naar de Koreaanse tuin, maar die is niet te vinden. Dan maar door naar de Citadel. Na veel geklim in de 36 graden blijkt helaas dat daar alles op zondag is gesloten. Dan maar door naar het museum van de Anatolische beschavingen aan de voet van de Citadel. Dit is een zeer bijzonder museum waarin de hele geschiedenis van Turkije is t5erug te vinden vanaf de paleolithische periode van 20.000 jaar voor Chr.  De prehistorie van nomadische jager-verzamelaars. Later 10.000 jaar voor Chr. vestigden zich boerengemeenschappen. Er zijn veel nederzettingen gevonden uit het jaar 7000 voor Chr. Even later begint de koperen tijd met het gieten van bronzen voorwerpen. 6800 voor Chr. is er al een stad . Men gelooft in het animisme, want er zijn heel veel schilderingen  van dieren gevonden. Van 3000 – 1200 v Chr. is er de bronzen tijd en uit die tijd zijn ook veel gouden siervoorwerpen gevonden. Rond 1900 voor Chr. komen er de Assyriers uit Mesopotamie. Dit zijn handelaren en we zien veel kleitabletten van hun hand. Er ontstond een bloeiende handel en er werd zelfs belasting geheven. Het is de tijd van Troje, bekend door Homerus en Vergilius. Er is in het museum heel veel te zien van de Hettieten. De oorsprong van dit volk is onbekend, maar ze vormden een machtig rijk rond de Assyrische kolonies. Ze hadden een spijkerschrift dat pas kort geleden is ontcijferd. Ze veroverden het hele land en er was een gouden eeuw van de Hettieten rond 1260 voor Chr. Rond 1200 maakten zeepiraten een eind aan het rijk. Daarna kwamen de Lydiers uit Griekenland. Rond 700 v. Chr brak de Hellenistische tij aan: het museum heeft veel grafmonumenten en beeldn van duidelijke Griekse oorsprong. In de 5e eeuw voor Chr. was Alexander de Grote aan de macht, die doorstoote nar Egypte  en India. Rond het jaar 0 rukken de Romeinen op en krijg je de Romeinse religie en voorwerpen. In 300 na Chr. kreeg het Christendom grote invloed in het land. Dat leidt tot Het Byzantijnse Rijk: een volk van bouwers. Constitinopel wordt uitgebouwd en krijgt paleizen en kerken. Het Turkse volk stamt af van Aziatische nomaden stammen e rond 1000 – 1100 stichtten zij hier hun staat. Het museum laat alle voorwerpen uit al die perioden gevonden, zien.

Met de taxi gaan we terug naar ons hotel voor een heerlijke duik in het zwembad. We genieten nogmaals van een heerlijk diner op het terras.