Mongolie deel 4 (Slot)

Zondag 1 juli

Van Hustai NP naar Ulaan Baatar is minder dan 100km, als we in de ochtend de stad binnenrijden komen we gelijk voor een verrassing, een grote stofwolk omdat de hoofdweg door de stad over vele kilometers is opengebroken rijden we samen met duizenden anderen over een stoffige piste de stad binnen. Dit stof verspreid zich to over de hele stad die van zichzelf door het gebrek aan asfaltwegen in de ger-woonwijken en de nodige niet al te zuivere schoorstenen al behoorlijk stoffig is. UB, zoals de stad door de lokale bevolking wordt genoemd heeft een aantal zeer drukke verkeersaders die allemaal oost/west lopen, noord/zuid richtingen kunnen pas buiten de stad worden gekozen.

Door de vele gaten en kuilen in de weg houden automobilisten geen baan waardoor het wat chaotisch aandoet. Linker en rechterrijbaan zijn meestal voor links resp. rechts afslaand verkeer bij stoplichten, niet iedereen houdt zich daaraan en verhindert daarmee de doorstroming. Lijkt allemaal heel onoverzichtelijk maar persoonlijk vind ik het wel gaan, er zijn vele steden waar het nogal wat chaotischer is en Mongolen zijn ook niet echt druktemakers in het verkeer, getoeterd wordt er vooral naar mensen die voor blokkades zorgen. Als we aan het einde van de ochtend op de enige camping aankomen die de stad rijk is willen we de rest van de dag besteden aan schoonmaken, opruimen, technische controles en kleine reparaties, daar komt helemaal niks van terecht. Dit guesthouse annex camping staat helemaal vol overlanders en iedereen is de hele dag bij iedereen op bezoek of hangt met elkaar aan een tafeltje in het café/restaurant. Reuze gezellig, leerzaam en nuttig, volgende keer dus een dag extra plannen hier want je kunt je niet eenvoudigweg omdraaien en je eigen ding gaan doen. Opvallend veel overlanders met motorfietsen overigens. Iedereen heeft zo zijn problemen, technisch, of procedureel met visum of anderszins. Iedereen weet voor iedereen ook wel weer een oplossing en zo brengen we hier drie dagen door zonder ook maar een moment van verveling.

Maandag is ons eerste doel de verlenging van het visum, op naar de immigratiedienst aan de andere kant van de stad. Het blijkt een makkie in tegenstelling tot verhalen die we onderweg hoorde, in 1 uur en een kwartier staan we weer buiten met 30 dagen verlenging, geregistreerd en gederegistreerd, want dat moet als je langer dan 30 dagen in Mongolië blijft.
Dan op weg naar een agentschap dat heeft toegezegd ons een toeristisch visum te kunnen verstrekken voor Rusland, ondanks dat de regels zo zijn dat toeristische visa alleen in het land van herkomst kunnen worden afgegeven. Na wat zoeken vinden we dit agentschap op een achteraf kamertje in een onooglijk kantoor, toch maakt het wel een vertrouwde indruk en we maken een afspraak voor de volgende dag. De rest van de dag besteden we aan de activiteiten die we voor gisteren in gedachte hadden, kletsen nog wat met deze en gene, maken links en rechts nog wat gps-systemen aan de praat en voorzien mensen van gps-kaarten.

UB maakt niet de indruk een gezellige stad te zijn, toch besluiten we de volgende dag in de stad door te brengen, na het bezoek aan onze agent waar we de paspoorten achterlaten voor de 12 werkdagen durende procedure, beginnen we aan onze wandeltocht door de stad waarbij we vele souvenirwinkels aandoen, café Amsterdam 2 x bezoeken, het Nationaal Historisch museum aandoen en op een terras de lunch gebruiken, een meer dan geweldige BBQ van schapenvlees. Iets anders was niet te krijgen overigens vanwege stroomuitval, een gebruikelijk verschijnsel in UB.

Als we terugkomen op de camping blijken R&M ook te zijn aangekomen en wat ons direct in beslag neemt is dat we er achter gekomen zijn dat onze andere MAN-camper blijkt te zijn ontvreemd. We leggen wat contacten in Zwitserland waar de auto was gestationeerd en nemen nog dezelfde avond een advocaat in de hand om uit te zoeken hoe en wat precies. De dader van de ontvreemding wordt ons snel bekend en de toegepaste methode ook, de actuele locatie van het voertuig en de bijbehorende Zwitserse documenten zijn ons tot op heden (11/07) nog onbekend. Het laat zich raden waarmee de rest van de dag en avond is omgegaan.
Ook de woensdag gaat grotendeels om met uitzoekerij en een bezoek aan de zwarte markt, donderdag vertrekken we naar de zuid Gobi, richting Dalandzadgad. We spreken af dat we R&M daar zondagavond weer zullen ontmoeten om samen de woestijn rond te trekken.

Donderdagochtend vertrekken we vroeg van de camping om niet in de drukte van de ochtendspits terecht te komen, dat lukt aardig en om 8.15 staan we al voor de deur van het winterpaleis annex klooster dat een bezoek meer dan waard blijkt, evenals het eerder bezochte Nationaal Museum overigens.

Dan verder zuidwaarts via een uiterst beroerde hoofdpiste die niet meer onderhouden wordt omdat een nieuwe asfaltweg wordt gelegd naar Mandalgov, de hoofdstad van centraal Gobi. We besluiten snel de piste te verlaten om min of meer parallel zuidwaarts te rijden naar de bijzondere graniet rotsformatie Baga Gazaryn. Dat levert ons nog het zicht op een flink aantal gazellen op waar er honderdduizenden van zijn die migreren tussen verschillende gebieden in Mongolië, Rusland en China, soms in kuddes van meer dan 20.000. De rotsformaties bereiken we de volgende ochtend, het is echter koud, het stormt en het regent, we rijden er dus wat omheen zonder te wandelen en op zoek te gaan naar de rotstekeningen die hier door monniken begin vorige eeuw zijn gemaakt.

Via Mandalgov steken we over naar de andere kant van de hoofdweg, die ook hier beroerder dan beroerd is naar de bijzonder gekleurde rotspilaren en formaties van Ulaan Suvraga of Tsagaan Suvraga. Het is een hele uitzoekerij om uit te vinden waar dit nu precies ligt, drie boeken en evenzoveel kaarten zaaien eerder verwarring dan dat ze uitkomst brengen, dat geldt overigens voor veel bezienswaardigheden in Mongolië. Veranderde namen, meer dan eens voorkomende namen, reisgidsen en kaarten die volslagen onzin verkondigen of laten zien, het is hier allemaal heel gewoon en je hebt er dan ook dagelijks mee te maken. Uit alle tegenstrijdige informatie en een aantal tracks en waypoint bestanden die ik  bij me heb destilleer ik uiteindelijk een punt waar het zou kunnen zijn, laat die ook R&M weten en plan mijn route erheen, niet de kortste maar wel de meest zekere, het werkt en we staan tegen de avond tussen werkelijk prachtig gekleurde rotsen en pilaren met een overweldigend uitzicht. Om maar 1 tegenstrijdigheid aan te geven, Ulaan betekent rood, Tsagaan betekent wit. In de praktijk blijken er witte pilaren en krijtheuvels te zijn in hetzelfde gebied waar zich door erosie prachtig gekleurde heuvels en leem/rotswanden en pilaren hebben gevormd, het doet denken aan Brycecanyon in USA.

R&M arriveren er tegen de avond. We spreken af om elkaar de volgende dag weer te zien bij de ijsgevulde canyon Yolyn, als we echter Dalandzadgad binnenrijden wordt het ons na enig rondvragen duidelijk dat hier het Nadaam festival is begonnen en we besluiten, na getankt en boodschappen gedaan te hebben, om eens naar het stadion te rijden om te informeren naar het programma. Niemand spreekt hier Engels  of Russisch maar na een halfuurtje onnozel doen voor het spandoek dat op de buitenmuur hangt begrijpen we dat ergens buiten de stad nog deze avond een paardenrace wordt gehouden en dat de volgende dag de finales van het worstelen en boogschieten zullen plaatsvinden in het stadion. We wijzigen ons plan, laten R&M onze bevindingen weten en gezamenlijk rijden we een kilometer of 10 buiten de stad naar de plaats waar de paardenrace plaatsvindt, we nestelen ons op de tribune tussen de lokale bevolking, toeristen zijn hier nauwelijks, en zien de race over 20 kilometer van begin tot eind.

Dat wil zeggen, we zien hoe de jongens 20 kilometer verderop gebracht worden voor de start en we zien feitelijk alleen de finish. In een ring van 5 kilometer van de finish staan overal gers van families met racepaarden die deelnemen aan de paardenraces tijdens Nadaam, leuk om te zien. Onderlangs de tribunes worden allerlei lokale lekkernijen aangeboden waar we van mee snoepen. Als de race, die een ongelooflijke stofwolk veroorzaakt vanwege de race zelf en het per auto aankomende en vertrekkende publiek, is afgelopen zoeken we een plek in de vlakte om te overnachten.

De volgende ochtend gaan we naar het stadion, als we langs de racebaan rijden is het er onwaarschijnlijk druk met een file naar en van de stad, bij het stadion is het rustig. We zoeken een plaatsje in de schaduw en wachten tot het worstelen begint, ons gaat het om het evenement zelf, we kennen geen van de deelnemers, zodat we niet hoeven te wachten op de finale.

In hetzelfde stadion vindt het boogschieten plaats, hier hebben toch maar weinig Mongolen belangstelling voor.

Rond lunchtijd hebben wij het wel gezien en we rijden richting de canyon waar we eerst het museum bezoeken waar ook dinosaurus botten en eieren tentoongesteld worden. Dan door naar een parkeerplaats vanaf waar je de canyon kunt binnenwandelen. Een mooie canyon met inderdaad na een paar kilometer restanten ijs op plekken waar zelfs zomers geen zon komt. Het meest bijzondere eraan is het feit dat eea te vinden is midden in een van de grootste woestijnen ter wereld, de canyon op zichzelf is niet heel spectaculair noch de hoeveelheden ijs, de wandeling daarentegen is leuk en niet zwaar.
Op weg erheen zien we nog een minibus met 12 inzittenden bijna verongelukken op de piste naar de parkeerplaats, verkeerde inschatting van de zijwaartse hoek, het busje glijdt zijwaarts een meter of 10 naar beneden, komt op 2 wielen terecht en kantelt uiteindelijk gelukkig net de goede kant op vanwege een natuurlijk gevormde richel. 

Na de wandeling rijden we een kilometer of 5 terug om te overnachten in een vallei waar we op de heenweg 2 Ibexen gezien hebben, gedurende de hele avond echter geen herhaling van de voorstelling. In de nacht rond een uur of 1.00 wel geklop op de deur, een Mongool met ontbloot bovenlijf probeert Rolf die open gedaan heeft iets duidelijk te maken dat voor ons eeuwig onduidelijk zal blijven. We snappen er echt helemaal niks van.

We beginnen aan onze volgende etappe, naar de Khongoryn zandduinen, meer dan 100 km lang, 12 km breed en tot 300 meter hoog. Een lange en zware rit brengt ons tot op het meest spectaculaire punt met de hoogste duinen, meer dan prachtig.  Een zware wandeling door het losse zand moet ons naar de 300 meter hoger gelegen top brengen, ik haak halverwege af. R&M zijn voor het eerst in de woestijn met zandduinen en maken de volgende dag de om 4.00 uur in de ochtend de tocht opnieuw om de zonsopkomst te zien.

Het is nu woensdag de 11e en we rijden tot Bulgan, vandaar richting de vlammend rode rotspartijen van Bayan Zag, tevens de plek waar veel overblijfselen van verschillende soorten prehistorische dieren gevonden worden. We overnachten bovenop het plateau dat een geweldig uitzicht biedt over de steile rode afgekalfde kant, de zonsondergang werkt echter niet mee, het waait nogal waardoor er veel zand in de lucht zit, de avond is eerder grijs dan rood.

De volgende dag gaat het noordwaarts via een mooie rit door de woestijn naar Ogiin Khid, de restanten van 3 voormalige kloosters gelegen aan de Ongi rivier. De rit voert deels over een vlakke steenwoestijn waar ongekende snelheden mogelijk zijn, het maakt dat we nog voor de lunch op bestemming zijn en daar maken we gebruik van door in een gerkamp uitgebreid te gaan eten.

Omdat op de heenweg richting Gobi het in Baga Gazaryn regende en stormde besluiten we daar opnieuw langs te gaan om er wat rond te wandelen en de grotten te "onderzoeken" , onderweg nog een klooster ruïne gelegen op een eilandje in een klein vogelrijk meertje. We kruisen verder de Gobi door, oostwaarts waar we tussen een partij prachtige rotspilaren overnachten. De volgende dag wandelen we daar wat rond, oppassen dat je niet verdwaalt want het lijkt allemaal op elkaar.

We rijden tot aan Choyr, een oude Russische legerplaats, gelegen aan de weg tussen UB en de Chinese grens. Er zijn veel verlaten appartementsgebouwen en een poging van de overheid de regio een nieuwe economische impuls te geven is bij gebrek aan voldoende pecunia halverwege gestrand.  We overnachten hier en nemen tijdelijk afscheid van R&M, zij willen verder oostwaarts, wij naar UB om ons paspoort op te halen, nog wat van de stad te zien en aan de auto te rommelen. Onderweg bezoeken we nog het Terelj nationaal park, het valt me niet mee, landschappelijk wel aardig maar half UB viert hier vakantie en nergens in Mongolië hebben we het zo vuil gezien.

We verlaten het park waar zich meer dan 100 commerciële gerkampen bevinden om ergens op een rustige plaats aan de Tuul rivier te overnachten vlakbij het nieuwe gigantische Ghengis Khan standbeeld waaronder zich een museum bevindt dat je rustig kan overslaan als je in UB naar het nationaal museum gaat. Je kan met een lift de kop van het paard bereiken waarop de Khan gezeten is. Het beeld en de omgeving begint al weer aardig af te takelen terwijl het pas in 2010 gereed gekomen is en alles eromheen feitelijk nog in aanbouw is.

De camping in UB staat deze keer vol met 4x4 trucks uit diverse landen, we staan centimeters van elkaar en het is een gezellige kruipdoorsluipdoor situatie. In de avond hebben we een ongeorganiseerde BBQ met elkaar en er worden heel wat wijs- en onwijsheden uitgewisseld. Donderdag dan eerst maar eens ons paspoort opgehaald, alles ok, tot veler verbazing. Dan naar het nationaal natuur museum waar zich onder andere veel prehistorische dierskeletten bevinden die vrijwel compleet zijn. Het regent en waait en dat maakt de stad er niet aantrekkelijker op, we lunchen bij ons favoriete bbq restaurant, shoppen nog wat en keren terug naar de camping waar R&M ook blijken te zijn aangekomen. We hebben een gezellige avond waarbij iedereen bij iedereen aan tafel zit om info uit te wisselen. Zo zijn er weer veel filosofieën over visa, technische oplossingen, gebroken veren zijn het meest voorkomend, opvallend veel bij Toyota's, Gps en te volgen routes is een ander voortdurend onderwerp van gesprek.

Vrijdag vertrekken we vroeg, we willen nog een klooster aandoen op weg naar de Russische grens, we laten het idee onderweg vallen en besluiten op zoek te gaan naar een in Mongolië bekende fabrikant van pijl en boog. Na wat zoeken weten we de man te vinden en krijgen uitleg over de gebruikte materialen en de toepassing er van, weer eens iets anders dan de "standaard bezienswaardigheden". We overnachten 35 km voor de grens op een leuk weitje omgeven door een soort halfbegroeide zandduinen.

Mongolië algemeen/samenvatting

Veel mensen zullen behoorlijk bevooroordeeld of met de nodige twijfels naar Mongolië vertrekken, ik laat een aantal veel gehoorde vooroordelen voorbij komen, voorzien van mijn eigen ervaring:

1) Niet te dicht bij plaatselijke bevolking overnachten want dan komen ze je 's avonds als ze dronken zijn lastig vallen; in 6 weken nooit meegemaakt.

2)Behalve in UB kan je nergens fatsoenlijk je voorraad op peil houden: flauwekul, in iedere op de kaart voorkomende plaats zijn winkels, markten, water en brandstofstations.

3) Je kan er dagen rondreizen zonder mensen te zien; dat lukt alleen met een blinddoek, het hele land is bewoond en er gaan nooit uren voorbij zonder dat je mensen, voertuigen, gers, of kuddes ziet. Binnen een paar uur rijden ben je ook altijd ergens in een dorp met eigenlijk altijd GSM-ontvangst.

4) Hulpgoederen zijn meer dan welkom in Mongolië; vrijwel iedere familie beschikt over meerdere gers, 3 of meer voertuigen, tv en gsm. Ze zien er misschien bij gebrek aan stromend water niet altijd even fris uit, maar arm of behoeftig? Naar mijn smaak niet.

5) Gobi een prachtige woestijn; klopt maar munt vooral uit in afmeting en afwisseling, alle soorten woestijn treft men hier aan. Oriëntatie in de Gobi is relatief eenvoudig omdat de bergruggen ver uit elkaar liggen en overzichtelijkheid niet door zandduinen gefrustreerd wordt. Zand is tenzij je het opzoekt, nooit een beperkende factor in de Gobi, slechts 3% bestaat uit zand.

6) UB is een gevaarlijke stad; we hebben een aantal toeristen gesproken en een redelijk percentage daarvan heeft beroving persoonlijk meegemaakt, camera's, geld en paspoorten zijn het meest in trek. Wijzelf missen enige kledingstukken die van de waslijn op de camping gejat zijn middels hengelen van buitenaf door kieren in de schutting.

7) UB is niet Mongolië; laten we zeggen dat het Mongolië 2 is, totaal anders dan de rest van het land maar zeker wel de moeite. Bovendien woont/werkt bijna de helft van de bevolking in/om UB dus om te beweren dat het niet het echte Mongolië is gaat wat ver. Überhaupt is mijn indruk dat om het echte Mongolië zoals wij dat graag zouden zien, primitief en vol nomaden en moeilijk te bereiken, binnenkort verleden tijd is. Je moet er nu al honderden kilometers voor buiten UB en dan nog zal je echt geen nomaden meer tegenkomen die hun ossenkar hebben volgeladen met daarachter een aantal bepakte kamelen, ze hebben echt ALLEMAAL een eigen vrachtwagen(tje). Zijn bovendien grotendeel semi nomaden geworden die alleen nog in het seizoen naar streken met voldoende begroeiing trekken, in de winter leven de meesten in stad of dorp, al dan niet in hun ger. Over Nadaam in UB kan ik niet oordelen, wij maakte het mee in een provinciestad, ik heb de indruk dat dat heel wat comfortabeler en overzichtelijkerer is.

8) Dronken Mongolen kunnen knap vervelend zijn; klopt, net als dronken Belgen of Hollanders. Ik denk dat net als in het voormalig Oostblok en nu ook Rusland, de grootschalige openbare dronkenschap in Mongolië afneemt met de toename van de welvaart. Mongolen zijn wel nieuwsgierig, willen graag in je auto kijken of met je samen aan tafel zitten, zullen ook makkelijk een vrije stoel aan jouw (camping)tafel bezetten om met je te babbelen, nooit opdringerig, nooit vervelend. In 6 weken heb ik 1 keer een dronken Mongool tijdens de Nadaam weg moeten sturen omdat ie echt niet op z'n benen kon staan.

9) De Mongoolse keuken is eenzijdig en niet bepaald wat wij als lekker ervaren; Ik denk dat dat klopte maar dat daar momenteel heel snel verandering in komt, wij hebben in de 10x dat we uit eten zijn geweest, redelijk gevarieerd gegeten en er was een ruime keus. Niet altijd alles is voorradig, of zoals in UB, de stroom valt uit wat de keuze beperkt, maar dat mocht onze pret niet drukken.

10) Wegen en voertuig, zonder 4x4 kom je in Mongolië geen stap vooruit; klopt niet en klopt wel. Allereerst kan je UB inmiddels via 5 uitvalswegen over honderden kilometers asfalt bereiken/verlaten. In Mongolië rijden nauwelijks 4x4 of 6x6 vrachtwagens maar 99% normaal met alleen achterwielaandrijving. Veel Mongolen rijden in gewone personenauto's door het hele land, Hyundai, Toyota en Nissan zijn hier de 3 merken, de 4x4's zijn meestal Lexus of Toyata, oudere Mitsubishi's en een enkele nieuwe Patrol. Het overbekende 4x4 UAZ busje en een verdwaalde 4x4 Mitsubishi minibus met toeristen kom je wel regelmatig tegen maar tweewielaangedreven busjes hebben de overhand. Busvervoer is er door vrijwel het hele land met kleinere maar ook grote lijnbussen. Waarom dan toch een 4x4? Omdat met name tijdens regen sommige wegen enkele dagen niet begaanbaar zijn voor tweewielaangedreven voertuigen en dat betekent dan 2 of meer dagen wachten tot de ondergrond weer hard genoeg is. Twee uitrustingstukken voor de camperaar in Mongolië mogen nooit ontbreken, een lege jampot met goed afsluitbare deksel en een krat of kist. In de jampot kunnen alle schroefjes, ringetjes, zekeringen en lampjes worden bewaard die spontaan naar beneden komen vallen en waarvan de herkomst niet direct duidelijk is, in de krat of kist alle onderdelen die niet in de jampot passen als grill, bumperdelen, afdichtrubbers, aanslagrubbers, koplampen en knipperlichten. Bij ons viel het nog wel mee overigens maar ik heb toch heel wat auto's gezien waar tijdens de reis heel wat vanaf gevallen is. Voor de Toyota HJ liefhebbers, neem reserve veren mee!! Van de 11 Toyota HJ's die we zij tegengekomen in Mongolië hadden er 8 gebroken veren, dat weten ze in Mongolië dondersgoed en daar hebben ze de prijzen flink op aangepast, een nieuw enkel blad of een setje gebruikt kost al snel meer dan 1000 euro per kant!!

11) Mongolië is een schoon land, mensen gooien nog wel eens wat uit het raam van een rijdende auto maar vuil wordt toch veelal op een centrale plaats verzameld en verbrand. Zwerfvuil of plastic tref je nauwelijks aan, wodkaflessen des te meer.

12) Overlanders in Mongolië. Behalve op doorreis hebben we geen overlanders getroffen die Mongolië als bestemming hadden of tijdens de doorreis er echt de tijd voor nemen om op zoek te gaan naar de dingen die er te zien zijn, verbazingwekkend mag ik wel zeggen.  De enige variatie die ik er in kan ontdekken is of men via China is binnengekomen of via Rusland en welke van de twee Russische overgangen. Vrijwel iedereen volgt dezelfde hoofdroutes in Mongolie. Veel verhalen over fout rijden, geen goede kaarten en niet functionerende GPS-systemen, dat wel, en dat zorgt er misschien ook wel voor dat men niet echt het land in durft te trekken. Ook veel schade en dagen vertraging door fout rijden is veel gehoord. Ook motorrijders komen er veelal niet zonder (lichamelijke) schade vanaf.

13) Toch even vermelden, Mongolen zijn vrijwel allemaal aan het werk! Je ziet ze maar zelden nutteloos rondhangen, iedereen werkt mee, mannen, vrouwen en kinderen binnen het familiebedrijf van jongs af aan.

 
 
Rusland
 
Zaterdag 21 juli

Om even voor negen melden we ons aan de grens, na een kwartier in de rij gestaan te hebben die geen meter vooruit komt besluiten we eens te gaan communiceren met degene die het hek bedient, het werkt, na een telefoontje mogen we uit de rij en langs alle wachtende het grensterrein oprijden om aan de procedure te beginnen. Mongolië uit is binnen een uurtje gepiept, Rusland binnen wordt wederom een karwei om de auto als persoonlijk voertuig ingevoerd te krijgen, nogmaals, boven de 3,5T kent men geen persoonlijke voertuigen als categorie en dat is iedere keer opnieuw even lastig, helemaal als het computersysteem van de douane het af laat weten want tegenwoordig komt ook je auto "electronisch" binnen met een barcode en al. Na wat gebakkelei en wat gespeelde agressie lukt het om 11.45 de auto ingevoerd te krijgen, snel de paspoorten want om 12.00 houden ze hier middagpauze tot 14.00. Om exact 12.00 rijden we als laatste het terrein af en de vaststelling dat eea dan bij elkaar toch niet langer geduurd heeft dan ruim 3 uur stemt ons toch tevreden daar de meesten het niet in 1 sessie voor elkaar krijgen en dus zowel de ochtend als de middagsessie nodig hebben om de grens te passeren, 6 tot 7 uren om het voor elkaar te krijgen zijn hier het meest gehoord als men al niet de nacht heeft moeten overstaan want ook 's avonds en 's nachts wordt er hier niet gewerkt.
 

We rijden tot ruim 50 km voor Ulan Ude(UU), de hoofdstad van de Buryat bevolking in deze streek. We verlaten de hoofdweg om via een piste bij een meertje te overnachten, mooie plek waar ook Russen hun tenten opslaan. De volgende dag besluiten we om de piste te vervolgen tot aan Ivolginsk waar de Russische Lama in het aldaar gevestigde klooster woont. De 35km piste die we hebben te gaan is ongekend zwaar vanwege de hevige regenval van de afgelopen weken, we moeten vaak vooruit lopen om de beste route door de modder te vinden en vooral om de diepte te meten van de kuilen en sporen vol met water, sommige geulen zijn meer dan een meter en is er geen andere oplossing dan ze in het midden te houden. Regelmatig glijden we van het gekozen spoor in diepe geulen maar ons MANNEKE weet van geen ophouden en sleurt er braaf doorheen. 
Als we het klooster bereiken zitten er kilo's bagger onder de auto. Het klooster zelf is mooi en mag niet overgeslagen worden als je deze streek bezoekt.
 
 
Vanaf het klooster rijden we naar een aantal dorpen ten zuiden van UU waar Old Russian Believers wonen, zij leven volgens strenge geloofsregels en zijn zeer harde en systematische werkers. De dorpen op zich zijn zeer ordelijk, vandaag, op zondag, is er vrijwel niemand op straat en het autobezit is hier minimaal. We overnachten in een van deze dorpen om dan de volgende dag UU zelf te bezoeken en ons te laten registreren.
 

We kuieren door de winkelstraat, bezoeken het museum dat handelt over de stadshistorie en dan omhoog naar het centrale plein waar het grootste hoofd van Lenin staat. We melden ons bij de federale immigratie dienst maar daar is niemand die de registratie even in orde wil maken. Registratie is sowieso een dubbel verhaal, sinds 2006 hoef je je slechts binnen 5 werkdagen te registreren indien je langer dan 7 dagen in dezelfde gemeente verblijft. Blijf je nergens langer dan die 7 dagen dan hoef je je feitelijk helemaal niet te registreren, punt is alleen dat wanneer je op enig moment gecontroleerd wordt of het land verlaat, je moet kunnen aantonen (echt daadwerkelijk bewijzen en niet een aannemelijk verhaaltje) dat je gedurende je gehele verblijf nooit langer dan 7 dagen in dezelfde plaats bent geweest. Als we na de lunch terugkomen komt de directrice van de dienst er aan te pas, zij maakt een keurige brief met stempel en handtekening waarin stat dat zij ons NIET gaat registreren, mij ook best, heb ik mijn best weer gedaan en zo'n briefke gaat het bij controle ook wel doen. Overigens wordt er bij uitreizen nog zelden gecontroleerd, alleen bij calamiteiten.
 

We verlaten de stad en rijden naar de delta van de Selenge rivier, de grootste van de meer dan 30 in het Baikal meer uitmondende rivieren. We overnachten aan de rand van een klein vissersdorp aan de oever van het meer, leuk plekje. We vervolgen de reis door zuidelijk om het meer heen te rijden, via Baykalsk en Irkutsk naar Listvyanka, de meest bezochte plaats aan het meer. Vlak voor dit dorp willen we het openluchtmuseum bezoeken, dat gaat echter niet meer lukken dus de volgende dag dan maar. We vinden een mooi plekje aan de Angara, de enige uit het meer stromende rivier.
 
 
De cellulosefabriek in Baykalsk overigens is in z'n eentje verantwoordelijk voor 60% van alle vervuiling van het meer, de aanwezige waterzuivering heeft 50% capaciteit te weinig en ondanks vele protesten van de plaatselijke bevolking gaat de productie gewoon verder.
Omdat het openluchtmuseum niet echt vroeg opent rijden we eerst naar Listvyanka waar we een wandeling maken langs de oever en naar 1 van de vele uitzichtpunten over het meer. Het openluchtmuseum is de moeite, er staan veel uit de streek van Bratsk afkomstige huizen en andere gebouwen die zijn overgebracht alvorens men daar de stuw sloot en een groot gebied onder water zette.

Op naar Krasnoyarsk, een pas recent voor buitenstaanders ontsloten stad met eromheen een aantal tot voor kort diep geheime steden die toch ieder snel tussen de 50.000 en 100.000 inwoners hebben, Krasnoyarsk zelf heeft een kleine 1.000.000 inwoners. De afstanden zijn hier enorm, UU naar Krasnoyarsk en Krasnoyarsk naar Novosibirsk ieder zo'n 1000km, zo nu en dan mist er dus een dagje in dit verslag omdat we simpelweg alleen gereden hebben. In Krasnoyarsk willen we het Stolby park met de rode granietpilaren bezoeken, liever gezegd we willen er overnachten en er de volgende dag wandelen. Dat gaat zonder vooraf geregelde toestemming niet lukken, daar waren we de afgelopen dagen al  eerder tegenaan gelopen en dat steunt mij in de overtuiging dat als je werkelijk iets wil zien in dit land je beter van te voren alles kunt organiseren.
 
 
We rijden door naar Divnogorsk waar zich de krachtigste hydrocentrale van heel Rusland bevindt, gebouwd om alle voor en tijdens ww2 verplaatste industrie van elektriciteit te voorzien. Na een aantal mooie uitzichten komen we onder aan de dam waar zich een grote scheepslift bevindt, hier overnachten we. Het is een komen en gaan van mensen die een uurtje komen vissen en/of picknicken en je kijkt zo de brede kloof van rode graniet in waardoor de rivier zich een weg baant.

Als we de volgende dag opstaan heeft de zon een raar kleurtje en wil niet echt doorbreken, later op de dag komen we er achter dat om de rook afkomstig van grote bosbranden gaat. Deze rook zal ons 5 dagen lang, bijna 2000 kilometer lang, uit de zon houden. We besluiten tot een kleine omweg via Tomsk, een regio waar nog veel zichtbaar is van de Duitse invloed, de huizen in verschillende dorpen bijvoorbeeld staan verder van de weg, zijn groter en van steen ipv hout. Het beeld is gelijk aan dat van de dorpen rond Sibiu in Roemenië.
 
Vlak voor Tomsk zien we het bos daadwerkelijk branden tot aan de rand van de weg, de stad zelf is geheel mistig van de rook. We willen de bekende botanische tuin bezoeken met de oranjerie van 5 etages, jammer, niet geregeld.........etc. We wandelen wat door het omliggende parkje en vreten onze frustratie weg in een pizzatent.  We verlaten de stad om te overnachten in een klein dorp aan de Ob, hier zou een prachtige nieuwe camping moeten zijn, niet dat we daar nou naar op zoek zijn maar om eens te zien, jammer gesloten, niet van te voren geregeld...............etc. Wel een leuke plek overigens dus even verderop aan een rivierstrandje vinden we onze stek. Tot nu toe staan we steeds op hele leuke vrije plekjes, vaak aan de rand van kleine Siberische dorpjes, precies zoals ik me dat van te voren had voorgesteld.

De route die we tot nu toe in Rusland hebben afgelegd valt me overigens 100% mee, gevarieerder dan gedacht en prima wegen zolang je de M.. niet verlaat, daarbuiten is het zoals we dat van Rusland gewend zijn, vol gaten en kuilen. Tankstations zijn er te over net als prima eettentjes met heerlijk mals vlees dat op perfecte wijze op houtvuur wordt bereid. Maandag 30 juli is het inmiddels, in Novosibirsk bezoeken we eerst even de plaatselijk MAN service, even de brandstoffilters vernieuwen en de tussenassen doorsmeren, dan op naar het trein en automuseum, jammer gesloten. We lunchen voor de ingang en het blijkt een komen en gaan mensen die er ook van uitgingen dat het museum op maandag open is, op hun eigen site en in alle gidsen staat namelijk dat ze op vrijdag dicht zijn en op maandag open.
Ik heb het even helemaal gehad en vaardig voor de rest van de trip de order uit dat ik nergens meer heen rijd zonder dat we op z'n minst een telefonische afspraak hebben. Het werkt per direct, zowel het Siberië museum als het Zonnemuseum zouden gewoon open moeten zijn, als we bellen wordt er direct geïnformeerd of we een afspraak hebben en of we buitenlanders zijn, nee resp. ja. Voor morgen een afspraak geregeld met het Zonnemuseum, voor later in de middag met het Siberiëmuseum, zouden we zonder ons van te voren te melden tijdens de openingstijden ons gemeld hebben zouden we toch aan het kortste touwtje getrokken hebben, terug naar de oude methode dus, zoals we dat altijd in Rusland en ook sommige andere landen steeds gedaan hebben.

Het Siberië museum is zeer de moeite met een professionele verzameling archeologische vondsten waaronder twee vrijwel volledig complete lichamen met huid en al die meer dan 2500 jaar oud zijn, zelfs de kleding waarin deze personen begraven zijn is nog vrijwel geheel intact. Een individuele bezoeker wordt niet toegelaten, we nodigen haar uit in ons groepje zodat ze gebruik kan maken van onze afspraak en deel kan nemen aan de rondleiding.
Na het bezoek strijken we neer op de camping bij de jachthaven aan de rivier, leuke plek met een aardig restaurant. We hebben sms-contact met R&M, zij hebben bijna 900km gereden vandaag om ons in te halen en arriveren tegen half tien, leuk weerzien zo na anderhalve week.
 
 
Gezamenlijk bezoeken we het zonnemuseum de volgende dag, een wonderlijke verzameling van van alles en nog wat dat de relatie tussen mens, religie en zon laat zien. De gids is overenthousiast met haar buitenlandse bezoekers en het mondt uit in een ruim 1 uur durende spraakwaterval die gepaard gaat met een heftig bewegende aanwijsstok.
Het museum is vlakbij het trein en automuseum (openlucht) maar moeilijk te vinden. Het trein en automuseum heeft de afgelopen jaren zijn collectie flink uitgebreid met allerlei materiaal, zo staan er niet alleen prachtige locomotieven maar ook een gevangenis wagon, technische onderhoudstreinen, diverse sneeuwruimers etc etc. Novosibirsk is een grote en drukke stad, het kost een uur om de stad door te komen richting westen, we rijden nog een paar uur om te overnachten in een klein dorp aan een meer, gezellig tussen de lokale bevolking die hier af en aan rijdt om te zwemmen en vissen.
 

De volgende dag is het ruim 500km naar Omsk over een prima weg, in de namiddag en avond slenteren we wat rond de haven in het centrum waar we ook overnachten. Het is er zeer levendig, volop uitgaansleven hier, zelfs om 3.00 uur 's nachts is het nog heel druk in de stad en rond de haven. We verlaten nu de echte hoofdroutes om naar Tobolsk te rijden, de eerste Russische hoofdstad van Siberië, net als Omsk voorheen een bolwerk van de Tataren waarvan er ook nu nog veel leven. We bezoeken het plaatselijke Kremlin dat inclusief de directe omgeving mooi gerestaureerd is. De kerken glimmen door hun nieuwe interieurs wel heel erg zowel van binnen als van buiten, het doet wat onnatuurlijk aan. Tobolsk heeft ook een grote voormalig gevangenis waar de distributie verder Siberie in plaatsvond, bovendien is het de plaats waar de laatste Tsarenfamilie 8 maanden in ballingschap vertoefde alvorens ze naar Yekatarinaburg verplaatst werden om te voorkomen dat ze bevrijd zouden worden door het zgn. witte leger dat vanuit het oosten naderde. We bezoeken de villa waar de familie Romanov verbleef, de werkkamer van de Tsaar is in ere hersteld, de rest is in gebruik als kantoor.
 

We overnachten op een parkeerplaats buiten de stad die bij een klooster hoort en prachtig uitzicht biedt op de Irtysh rivier.
 
 
Zaterdag 5 augustus, er resten ons nog 2 weken deze reis. We hebben er 29.000 km opzitten en nog zo'n 5000 te gaan. Vlak voor Yekatarinaburg overnachten we aan een meertje, leuk stekkie waar ook weer veel lokalen komen kamperen, vissen en/of bbq gebruiken. Na het uiteenvallen van de Sovjetunie ontwikkelde Yekatarinaburg zich tot het maffiacentrum van de Russische federatie,wat je daar nu nog van merkt is mischien de houding van de politie, wat we in heel Rusland niet meemaakte gebeurt hier wel, aanhouden en om kadootjes vragen, op z'n minst opvallend.

Vroeg op zondagochtend rijden we naar het centrum van deze toch echt wel geweldige stad, wat een nieuwbouw en wat een ruimte. We maken er een leuke wandeling langs prachtige ouden en nieuwe gebouwen om uiteindelijk de plek te bezoeken waar de Romanovs hun laatste weken doorbrachten om uiteindelijk als familie in z'n geheel inclusief bedienden en arts te worden vermoord. De villa waarin e.e.a. plaatsvond werd door Jeltsin ooit heimelijk in de nacht met de grond gelijk gemakt in de tijd dat hij burgermeester was hier. Dit was om te voorkomen dat de plek een soort pelgrimsplaats zou worden. Op deze plaats staan nu een kerk en een museum, opgedragen aan de door de Russisch Orthodoxe Kerk heilig verklaarde familie.
 

Buiten de stad bezoeken we het klooster dat is gebouwd rond de mijnschacht waarin men de lichamen heeft getracht te doen verdwijnen, hetgeen mislukte omdat het zuur waarmee de lichamen werd overgoten te snel wegliep om alle sporen uit te wissen. Na een bezoek aan het museum der fijne kunsten waarin zich ook het bekende smeedijzeren paviljoen bevindt dat goud won op de wereldtentoonstelling in Parijs in 1900, verlaten we de stad om richting Perm te rijden.
Een kleine 100km voor Kungur overnachten we op een stuwdam die een leuk zicht biedt op het achterliggende meer en een boerengehucht met leuke houten huisjes.
 
 
Op maandag om 10.00 melden we ons voor de eerste rondleiding in de ijsgrotten, leuk maar niet spectaculair, had wat meer ijs verwacht.
 
 
Dan naar Perm 36, een Gulaglocatie voor politieke gevangenen en een van de weinige die niet volledig verwoest is zodat er nu een museum is gevestigd. Een familielid van een voormalig gevangene doet de rondleiding. Overigens, overal geïnformeerd naar dit museum, antwoord: alleen open op afspraak. Telefoonnummer achterhaald, wordt dagenlang niet opgenomen. Er dan toch heengereden, groot bord, Maandag gesloten! Toegang andere dagen uiterlijk tot 16.00, rondleiding tegen meerprijs en alleen op afspraak. Wij zijn er op maandag, hebben geen afspraak en het is ook nog eens 16.00. Wat krijgen we?  geen meerprijs, wel toegang en wel een rondleiding, het blijft lachen, hoewel er omtrent dit museum echt niets te lachen valt.
 

We overnachten in een aan de overkant gelegen pas gemaaid boerenveld. Vandaag 7 augustus is een lange dag, de klok gaat maar liefst 2 uur terug, zo komt het dat we na 500 kilometer toch al vroeg in Izhevsk zijn waar we het mooie nieuwe museum bezoeken dat handelt over het leven van Kalashnikov, de historie van de fabriek en de ontwikkeling van de door deze fabriek geproduceerde wapens. We overnachten aan de boulevard waar ik eindelijk weer eens tijd vindt om wat te schrijven.
In de avond wordt het een gezellige boel op de boulevard, alleen die gezelligheid houdt wel, inclusief het bijbehorende muzikale geluid, aan tot 5.00 uur in de ochtend.
 
Op naar Kazan, de hoofdstad van Tatarstan, een autonome republiek binnen de Federatie met een aparte sfeer, een eigen taal en overal Minaretten die gebroederlijk tussen de gouden uien pronken. Zo ook in de hoofdstad die een prachtig Kremlin heeft dat in z'n geheel tot het Unesco werelderfgoed behoort. De hele stad ademt rijkdom (olie), het is er goed toeven, jammer dat de tijd begint te dringen en we niet veel meer dan een ruime ochtend kunnen doorbrengen hier. Van alle musea en bezienswaardigheden kiezen we het Kremlin en het nationaal museum, het geeft in ieder geval een mooi zicht over de stad en een mooie indruk van de Tataarse cultuur en geschiedenis.
 

We rijden nog een paar honderd kilometer om te overnachten aan de Sura rivier. Onderweg ontmoeten we Australiërs die we eerder in Mongolië tegenkwamen, daar had hun Landrover versnellingsbakproblemen en zij hebben een week lang achter op een trailer in hun auto gekampeerd om zo naar UB vervoerd te worden. Zij moeten in 10 dagen van Mongolië heel Rusland doorrijden vanwege het feit dat ze alleen een transitvisum hebben, toeristvisum is ze geweigerd (zie Mongolië in deel 6 en 7), ze zouden eigenlijk naar Vladivostok en van daaruit naar Australië varen, maar net als R&M is overkomen, blijkt het schip in augustus niet te varen en daarom moeten ze in totaal 10.000km westwaarts ipv 4500 km oostwaarts om weer thuis te komen.
 

We steken de volgende dag met een kleine ferry de Volga over om het prachtig aan het water gelegen Makarevo klooster te bezoeken.
 
 
Van daar vervolgen we via binnenwegen onze route naar N.Novgorod waar we het museum van de GAZ-autofabrieken bezoeken. Deze begin jaren dertig met behulp van Henry Ford gebouwde autofabriek produceert sinds kort ook Volkswagens en Skoda's, de productie van de bekende Volga's is ondanks het klaarkomen van een nieuw prototype, recent gestaakt. De meeste in het museum tentoongestelde auto's en vrachtwagens zijn niet gerestaureerd maar zo vanaf 1932 in het museum terechtgekomen,  direct vanaf de productie, leuk om een 80 jaar oude maar splinternieuwe vrachtwagen te zien glimmen.
 
 
We rijden in de avond nog naar Suzdal omdat we daar nog het eea willen bezoeken, R&M hebben echter pech, de dynamo heeft het begeven, dus daarmee gaat de zaterdagochtend verloren. Aangezien het weekend is, besluiten we de dynamo uiteindelijk te laten zitten en ik maak een omleiding die er voor zorgt dat de zonnepanelen de start batterij opladen, als ze een beetje zuinig doen met licht dan moet dat hun L300 thuis kunnen brengen.

We wandelen door Suzdal en vallen met onze neus in de boter, naast de vele bezienswaardigheden blijkt er namelijk een soort jaarfeest/festival aan de gang te zijn met talloze kraampjes, live optredens en kermis. Het is er een gezellige boel waartussen we met alle soorten van genoegen langer dan gedacht blijven hangen.

De avond tevoren is er groep Italianen aangekomen, 29 campers in colonne, genummerd, keurig in volgorde. Het wegzetten is al een evenement op zichzelf. Er zijn zestig plaatsen, toch menen ze tot op een halve meter te moeten naderen, dacht het niet meneer de wegzetspecialist. Als alles eenmaal keurig in lijn staat beginnen de schotels te draaien, je raadt het al, iedereen begint zijn auto te verplaatsen en tot 23.00hr in de avond zijn ze er zoet mee en staat uiteindelijk iedereen kriskras door elkaar. Het blijkt een vereniging waarvan de voorzitter ieder jaar "belangeloos" reizen organiseert naar Rusland,  Oekraine, of Uzbekistan. Wat betalen jullie dan voor dit reisje van 3 weken? 2340 euro voor 20 overnachtingen, een paar etentjes en wat excursies in St.Petersburg en Moskou. Ehh, waarom kost dat dan zoveel? Dat komt omdat we speciale permits hebben om met eigen auto in Rusland te rijden, en omdat we alle documenten hebben laten vertalen en voor de auto die voor de colonne uitrijdt. Deze mensen zijn zo bang gemaakt dat ze er van overtuigd zijn dat reizen in Rusland ongeveer gelijk staat met zelfmoord. Je kan ook bijna nergens diesel krijgen en worden door hun gids ook wat dat betreft naar adressen gebracht waar ze veilig met z'n 29-en tegelijk kunnen tanken. Ik kan m'n lachen echt niet meer houden. Sputterend probeert een van die lui me nog uit te leggen dat het wellicht voor Italianen moeilijker is om in Rusland te reizen dan voor Nederlanders. Ik probeer nog uit te leggen dat er zoiets bestaat als EU en Schengen en dat ze echt ook zonder 2340 euro te betalen en zonder vertalingen van allerlei documenten voor een paar tientjes zelf een visum kunnen aanvragen, ik weet wel dat ik tegen dovemansoren sta te lullen maar ik kan het niet laten omdat het gewoon geen recht doet aan het land dat ze bezoeken, als je in iedere Lada een KGB voertuig ziet en in iedere Rus een potentieel gevaar kan je misschien beter................etc etc.
 
Ik maak de volgende ochtend dat ik op tijd wegkom want als die lui in colonne water gaan tanken en afvalwater lozen dan is de uitrit hier minstens een uurtje of 2 verstopt, we rijden via de buitenste ring noordelijk om Moskou heen en overnachten een dikke 400 kilometer voor de grens met Letland aan een stuwmeer. We leggen een kampvoor aan waar we tot laat in de avond van genieten. Onderweg nog twee van die campercolonnes tegengekomen, ik merk aan mezelf dat ik me er eigenlijk over opwind, eerst de mensen bang maken en dan geld vragen voor een stuk schijnveiligheid, bah!!

Maandag op naar de grens, in de loop van de dag zullen we besluiten of we die hobbel nog vandaag of morgen nemen. Dat besluit valt echter eerder dan gehoopt, het achterste kruisstuk van de cardanas van R&M is volledig stuk geslagen en zo eindigt de dag in Sebezh, voor de grens. We demonteren de cardanas, bestellen een kruisstuk in Wit Rusland (levertijd 48 uur) dat hier om de hoek ligt en laten de vork van de as zelf oplassen en opnieuw zuiveren want de houders van de lagers zijn ook volledig weggeslagen. Totale kosten 12 euro, nieuw kruisstuk met 4 lagers inclusief!!
 
 
EU

Als we woensdag de as weer gemonteerd hebben rijden we rond een uur of 5 naar de grens met Letland. De vrachtwagen rij is meer dan 6 kilometer, de personenauto rij waarin we aansluiten heeft een wachttijd van ruim 5 uur. De passage op zichzelf verloopt zonder verdere problemen, de klok kan weer een uurtje terug, enige probleem is dat het donker is, niet voor ons maar voor R&M wel, geen werkende dynamo immers. Na de grens wachten we elkaar op en ik nodig ze uit om met stadslicht achter ons aan te rijden tot we een redelijke plek vinden om te overnachten. De weg is hier net nieuw geasfalteerd, geen markeringstrepen, geen reflectors en bovendien bewolkt, aardedonker dus en dat maat dat Rolf met stadslicht en als hulpmiddel een door het voorraam schijnende hoofdlamp moet rijden om nog iets te zien, gelukkig ziet hij de politiecontrole tijdig en doet 10 seconden z'n dimlicht aan. Na een kilometer of 20 rijden we een zandpad op en vinden een plekje dat voldoende van de hoofdweg afligt om te overnachten.
Donderdag rijden we een rustige route door Letland en Litouwen tot in Polen waar we een camping vinden met een restaurant in de buurt om afscheid te nemen van onze Zwitserse reiskameraden, het wordt een gezellige avond op een terras met uitzicht over een meer, zij moeten nog 2000km in 2,5 dagen, duimen dat alles ok blijft gaan.
Wij gaan rustiger, eerst naar NL om eea te regelen en dan door naar Frankrijk. Vanuit Augustow nemen we een rustige en zeer aantrekkelijke route door Mazurie, we passeren een aantal hoogtepunten waar we de afgelopen jaren al waren maar overnachten bij de ingang van het Pompei van Polen dat we nooit eerder bezochten.
 
 
In deze regio wordt nog volop tabak verbouwd en nu is de tijd dat de bladen op grote overdekte rekken te drogen gehangen worden. De opgravingen van Baskupin blijken zeer de moeite, een 2750 jaar oude gefortificeerde houten nederzetting is totaal blootgelegd en gedeeltelijk herbouwd. Na het bezoek rijden we tot onder Berlijn waar we overnachten op een natuurterreintje aan een meertje, van daar de volgende dag naar Nederland waar ik nu bij Carglass de laatste hand aan dit verslag leg.

Al met al hebben we 10.000km in Rusland afgelegd en voornamelijk vrij gestaan, het is een voor wie van het vrije reizen en overnachten houdt ideaal camperland geworden met tot ver in Siberië prima wegen. De tijd van gaten in de hoofdroutes lijkt definitief voorbij, sommige oudere stukken zijn nog met hobbels maar absoluut zonder gaten.